Je hoort veel gemopper over de jeugd, die te weinig belangstelling zou hebben voor de politiek, in het bijzonder tijdens de gemeenteraadsverkiezingen. Ik weet niet of dat zo is. Toen ik zelf jong was, in de jaren zestig, was ik met vrienden al snel betrokken bij de politiek. Zoals in de Werkroep voor Vrede en Ontwikkeling. In hoeverre de acties die daarvan uitgingen een succes waren vraag ik me af als je naar de huidige toestand in de wereld kijkt, maar toen was het in ieder geval nog onvoorstelbaar dat het machtigste land ter wereld zou worden geleid door een wartaal uitslaande bejaarde, gesteund door onder meer een godsdienstwaanzinnige televisiepresentator als minister van defensie. Het griezelbewind in PerziĆ« waartegen die lui een oorlog zijn begonnen, waarvan de gevolgen allang niet meer te overzien zijn, was toen nog net niet aan de macht. Iedereen was in die tijd wel zo’n beetje voor het verdwijnen van de sjah. Ik geloof dat mijn neef Brian, Engels historicus, toen zowat de enige was in onze kring die waarschuwde voor de gevaren van de theocratie die voor het keizerlijk bewind in de plaats dreigde te komen. Zijn waarschuwingen, door niemand van ons serieus genomen, bleken achteraf maar al te raak.

Wat ik eigenlijk wilde zeggen: ik zag op woensdagavond verrassend veel jongelui in het stadhuis waar de burgemeester de uitslag van de verkiezingen bekend maakte. Misschien een teken van hoop, want hoewel de opkomst iets hoger was dan vier jaar geleden, bleef toch de helft van de Dordtenaren thuis. Die geloofden het wel. Klagen en mopperen achter het toetsenbord van je computer is natuurlijk veel makkelijker dan even een hokje rood kleuren in een nabij stemlokaal, ook al vind ik dat je dan eigenlijk geen recht van spreken meer hebt.

Waar ik niet blij mee ben is met de rechts-extremisten in de raad. Dat was in de tijd dat wij in die werkgroep zaten ook nog niet voorstelbaar. Goed, niet veel later kwam de Centrumpartij op van die malle Hans Janmaat, type leraar met een ernstig ordeprobleem, maar die stelde weinig voor en om boer Koekoek kon je alleen maar lachen. Jammer dat hij zijn dieren zo slecht behandelde.

Foto: Kees Klok