Een van mijn vroegste en leukste herinneringen heb ik aan park Merwesteyn. Daar gingen we op mooie middagen met onze ouders of oma naartoe om de herten te zien. Vervolgens mochten we naar het speeltuintje om daar een tijdje in de zandbak te wroeten. Een echt uitje was het niet, meer een klein stukje lopen, want oma woonde op de Vrieseweg en wij tot 1959 ook, maar het was altijd hartstikke leuk.

De kans is groot dat toekomstige kleuters het genoegen om herten (een diersoort waar ik nog steeds zeer van ben gecharmeerd) te gaan zien niet meer zullen beleven. Misschien komen er in het Merwesteynpark een paar kamelen, een kudde schapen of een aantal alpaca’s, wie weet, die mag je straks wel als huisdier hebben, maar het houden van herten wordt volgend jaar door het ministerie van landbouw verboden. Iemand heeft daar de ambtenaren wijsgemaakt dat herten ongeschikt zijn om in gevangenschap te houden. Bokken zouden zelfs gevaarlijk zijn. De herten die er zijn mogen blijven tot ze doodgaan. Waar hun nakomelingen heen moeten weet niemand. Ik denk dat die het beste naar de Veluwe kunnen worden gestuurd, waar ze vervolgens een grote kans lopen om te worden opgevreten door een wolf. Da’s natuurlijk heel goed voor die beesten en het natuurbehoud.

Ik geloof er geen snars van dat het houden van herten in een hertenkamp slecht voor die mooie dieren is. In het Merwesteynpark, waar al meer dan honderd jaar herten zijn, hebben ze ruimte genoeg om te rennen en te ravotten, zonder door wolven of andere akelige roofdieren achter de vodden te worden gezeten. Ze zijn een genoegen om te zien en een goede reden voor ouders met kinderen een wandeling door het park te maken. Ze zijn daar in goede handen.

Die aankomende lijst van toegestane en verboden huisdieren heeft in den lande al veel verbazing gewekt. Dat we over een aantal jaren geen herten meer mogen hebben in ons park is de dwaasheid ten top. Hopelijk gaat men dat in Den Haag tijdig beseffen.

Foto: archief Kees Klok